Robbert Jan Sabel in C, magazine over communicatie, mei 2006
Hoe moet het nou verder met de spelling?
Op 1 augustus wordt de nieuwe spelling officieel van kracht. De herziening leidde bij de bekendmaking tot veel ophef, C belichtte die commotie in het vorige nummer. Inmiddels lijkt de storm geluwd en blijven taalgebruikers in verwarring achter. Hoe kon het zover komen? Betrokkenen spreken van een hetze en een prestigestrijd. Heeft de Taalunie de tegenstand onderschat?
De nieuwe ('groene') spelling maakte heel wat tongen los. Met ongekende felheid trokken de tegenstanders - verenigd in het Platform de witte spelling - tegen de herziening van leer. Het fanatisme wekte de verbazing van diverse betrokkenen, zoals taaltechnoloog Theo van den Heuvel van Polderland Language & Speech Technology. Hij pleit niet zozeer voor of tegen de groene of witte spelling, maar betreurt vooral de onduidelijkheid waar alle ophef toe heeft geleid. Die heeft volgens hem maar één consequentie: niemand neemt straks de spelling serieus. Van den Heuvel betreurt het sterk dat van de spelling een twistappel is gemaakt. De onenigheid gaat uiteindelijk nergens over: 'In de discussie worden smaak en correctheid met elkaar verward. Als iemand gevoelsmatig moeite heeft met een spellingsvorm, wil dat nog niet zeggen dat die incorrect is.'
Breuk
Van den Heuvel vindt het jammer dat de Nederlandse spelling slachtoffer wordt van een prestigestrijd: 'Het is tragisch als het verzet tegen de officiële spelling ertoe leidt dat er verschillende spellingsparadigmata naast elkaar bestaan. Er zal een breuk ontstaan tussen onderwijs en praktijk en tussen Vlaamse en Nederlandse media. Een breuk die juist werd geheeld door de spellingwijziging van 1995.' Van den Heuvel doelt hiermee op de totstandkoming van een voor Vlaanderen en Nederland gelijke officiële spelling. De Taalunie is een initiatief van de Nederlandse regering en de Vlaamse deelregering om de Nederlandse taal te versterken. Dat betekende indertijd, vijftig jaar geleden, ook al dat spellingsconventies op elkaar werden afgestemd. Het eerste Groene Boekje, uit 1954, betrof nog slechts voorkeuren. De voorkeursspelling werd vooral in Vlaanderen toegepast. Pas in 1995 was de Taalunie zover dat ze een spellingvoorstel kon voorleggen waarbij sprake was van een officiële spelling.
Eenduidig voorschrift
Ook op het internetforum van de witte spelling wordt commentaar op het initiatief geuit. Critici wijzen erop dat het moeilijker dan ooit wordt om de spelling goed onder de knie te krijgen. Taal is immers alleen te leren door veel te oefenen, in het bijzonder door veel te lezen. Als we een schisma krijgen over de taal zal dat nooit goed lukken, omdat je niet weet wie welke spelling hanteert, aldus een van de commentaren. Soortgelijke ongerustheid uit Cito, de onderneming die schooltoetsen en -examens ontwikkelt. 'Eenduidig voorschrift, daar is het onderwijs mee gediend. Anders ontstaat er teveel verwarring', zei toetsdeskundige Nederlands Ton Hendrix onlangs tijdens een speciaal naar aanleiding van alle opschudding georganiseerde hoorzitting van het Vlaamse parlement.
Hetze
De media-acties tegen de groene spelling hebben alle trekken van een hetze. De Taalunie - verantwoordelijk voor de voorlichting over de groene spelling - had naar eigen zeggen de weerstand niet in deze mate verwacht. Ze heeft het mediageweld grotendeels over zich heen laten komen en is niet afgeweken van haar communicatiestrategie. Persvoorlichter Ilse van Bladel: 'We hebben een voorlichtingslijn ontwikkeld waaraan we vasthouden. We vechten de strijd niet uit in de media. Het is de taak van de Taalunie om iedereen voor te lichten, niet om het Groene boekje te promoten. We richten ons hierbij op een breed publiek en in het bijzonder op overheid en onderwijs. Voor deze doelgroepen is de officiële spelling verplicht.' Van Bladel erkent dat de Taalunie daarmee vecht met de handen op de rug gebonden. Zelfs vanuit het kabinet bleef het stil. Daaraan wordt overigens wel iets gedaan. Om toch iets meer weerwoord te geven, zijn er nu plannen om minister Van der Hoeven (OCW) 'in te zetten'. 'Bovendien hebben we nog vier maanden de tijd voordat de spellingherziening officieel is', nuanceert Van Bladel. 'In die tijd werken we door aan de voorlichting. We voelen ons hierbij gesteund door diverse partijen, bijvoorbeeld door de grote uitgevers die de officiële spelling ondersteunen, maar ook door taalgebruikers.'
Niet te hard
Blijft de vraag hoe het nou verder moet met de Nederlandse spelling. De witte spellers pleiten voor meer vrijheid. Volkskrant-journalist Bas van Kleef - vanaf het eerste uur betrokken bij de lobby tegen de nieuwe spelling: 'Laat iedereen maar spellen zoals hij dat zelf wil. Wij gaan niet akkoord met de groene spelling en gaan onze eigen weg.' Van Kleef vindt niet dat de media de Taalunie te hard hebben aangepakt: 'Ik denk dat de Taalunie wel geschrokken is van de hevige reacties en dat ze zich dat wel aantrekt. Maar veranderingen terugtrekken zullen ze wel niet doen, het is toch een kwestie van prestige.' Tekstschrijver Felix van de Laar voerde tien jaar geleden met artikelen in Tekst[blad] en het boekje De kleren van de nieuwe spelling een eenzame penne(n)strijd tegen de nieuwe regels voor de tussen-n, die hij onzin vindt. Hij strijdt tegen zulke nieuwe regeltjes en vindt de aandacht voor de correcte spelling overdreven. 'Mensen kunnen zo ongelofelijk over zogenaamde spelfouten zeiken. Zowel groene als witte spellingaanhangers jagen dezelfde hersenschim na: dat er maar één spelling de goede kan zijn. Kijk nou eens om je heen: zo werkt het dus in de praktijk helemaal niet. Ik vind het prima als iemand 'kado' schrijft, terwijl dat niet zo in het Groene Boekje staat.'
Opgeklopt
Het Genootschap Onze Taal wil met de witte spelling aansluiten bij de voorkeur van taalgebruikers. Om die voorkeur te peilen, heeft het genootschap een enquête gemaakt. Bedoeling is te achterhalen welke woordbeelden het vertrouwdst zijn. Voorlopig valt te concluderen dat er geen algemene voorkeuren zijn voor bepaalde spelwijzen, meldt Wouter van Wingerden van het genootschap. Hij benadrukt dat het genootschap niet tegen de groene spelling is: 'We zijn voor een ruimere interpretatie van de regels. Het Witte Boekje is wat vrijblijvender.' Daarmee lijken de witte spellers hun toon te matigen en blijken de verschillen veel minder groot dan de media suggereren. Want ook de Taalunie vindt - net als de witte spellers - dat taalgebruikers in sommige gevallen meer vrijheid kunnen nemen. Ook in de groene spelling zit wat speling. Van Bladel: 'Als iemand appél met accent wil schrijven, net zoals in voorkómen en vóórkomen, dan is dat prima. Ook een koppelteken kan worden toegevoegd als dat de leesbaarheid van een woord vergroot. De regels staan dat toe.' Overigens blijft de Taalunie van mening dat de taalgebruikers gebaat zijn bij duidelijkheid en uniformiteit (van woordenboeken en spellinggidsen). De persvoorlichter van de Taalunie verwacht dat het Witte Boekje grotendeels uit zal gaan van de Woordenlijst Nederlandse Taal. Ze vindt dat de verschillen vooral door de media worden opgeklopt. Ook Van Wingerden erkent dat de Taalunie en het genootschap op dit punt veel minder tegenover elkaar staan dan de media suggereren. Beide partijen zouden best tot elkaar kunnen komen in een lichtgroene spelling. Kortom, nu de hetze verstomt, is een verzoening tussen groene en witte spellers niet uit te sluiten. Het wachten is op de partij die het eerst de ander de hand reikt.
Wegwijzer – Colofon – Contact – Vrijwaring – Opmerkingen en reacties
