taalunieversum

Direct naar menu
U bent hier: start » over taalunie »

Juryrapport Taalunie Toneelschrijfprijs 1988

Nederlands-Vlaamse Toneelschrijfprijs 1988


De tijden dat toneelminnend Nederland sidderend zat te wachten tot de nieuwste aanwassen van Anglo-Amerikaanse toneelschrijfkunst per speedboot over de grote plas werden aangevoerd lijken voorbij.

We doen het nu zelf. Er is de afgelopen vijftien jaar veel tijd en energie in gestoken. En, zoals gebruikelijk in ons binnendijkse, weinig geld. Geruchten willen dat zelfs in de cultuurpolitieke jungle van België de voorwaarden voor autochtone dramaschrijvers beter zijn dan hier. Een nationale toneelschrijfprijs van substantiële omvang maakt derhalve 'iets' goed. De jury is zurig en fitterig genoeg om te zeggen: niet genoeg. Maar het 'iets' is een begin, en als zodanig met twee handen aangegrepen.

De prijs is - ook niet ongebruikelijk - wat laat een 'feit' geworden, waarmee vanzelfsprekend het toe te kennen prettige bedrag van 20 duizend gulden wordt bedoeld. Het was derhalve voor de jury kort dag. In de voorbije maand zijn ongeveer vijftig teksten gelezen die sinds i januari 1987, en vooral in het seizoen 1987-1988, een opvoering beleefden. De jury heeft niet op inzendingen gewacht, maar is zelf gaan sprokkelen, ongevraagd en brutaal grasduinend in een spectaculaire en diffuse productie, boven en onder de grensstrook van Baarle-Nassau.

Het uiteenlopend karakter van de stapel en de korte tijd maakte het werk niet eenvoudiger, wel levendiger. Levendig is de Nederlandstalige toneelschrijfcultuur immers zeker. En uiteenlopend in menig opzicht. Bijvoorbeeld gemeten naar de omstandigheden waarin de tekst redelijkerwijs een opvoering kan krijgen. De teksten voor een expliciet amateur-circuit lieten we buiten beschouwing.

Bewerkingen van bestaand (prozaïsch of dramatisch) materiaal ook. Debuten, die in het professionele en semi-professionele theatercircuit een uitvoering bereikten, zijn zeker niet buiten beschouwing gelaten. Evenmin als teksten die voor het kinder- en jeugdtheater zijn geschreven. In die sectoren van de kleurrijke oogst lag overigens een beoordelingshobbel. Sommige debuten - zoals Age Kramer's Dansen wij vanavond - zijn zeker beloften voor meer, maar nog niet de meerwaarde zelf. Wellicht een idee voor de toekomstige jury van de toneelschrijfprijs om afwisselend een 'crack' en een 'debutant' te lauweren. De verleiding om teksten voor kinder- en jeugdtheater voor een laureaat in aanmerking te laten komen is langzamerhand ook heel groot. Naast talloze bewerkingen van materiaal dat oorspronkelijk voor volwassenen werd geschreven, is de afgelopen jaren in de sector van het kindertoneel en het theater voor jongeren een groeiend aantal authentieke en verrassende teksten ontstaan, waarbij de jury vooral Moeder in de wolken van Heleen Verburg en Dag, monster van Pauline Mol wil noemen, opvallend genoeg een debutante naast een vrouw die haar sporen in het kindertheater al ruimschoots heef t verdiend. De tijd is onzes inziens meer dan rijp voor een aparte toneelschrijfprijs waarin het werk van een auteur voor kinder- en jeugdtheater passend wordt gehonoreerd.

Ondanks dit enthousiasme kan de jury er niet aan voorbij zien dat de afstand tussen de teksten van debutanten en de kinder- en jeugdtheaterteksten, en een aantal van de andere toneelstukken die de jury onder handen had, in kwalitatieve zin nog te groot is, om deze eerste toneelschrijfprijs gerechtvaardigd aan een debutant of auteur voor kindertheater te kunnen geven.

Over bleven in laatste instantie de tekst die Rob de Graaf concipieerde Voor Rinus, de tekst Van pick-up van Gerard Jan Rijnders en Hitchcock's Driesprong van Frans Strijards. Zonder voorbij te zien aan de kracht van de overige twee teksten is de jury unaniem tot de conclusie gekomen dat de eerste Nederlandstalige toneelschrijfprijs moet worden uitgereikt aan Frans Strijards voor diens tekst Hitchcock's Driesprong.

De gewiekst verspringende plotstruktuur, de knap exploderende dialogen, het meeslepende ritme van de tekst, de vulkanische woede eronder en erachter en de bekwaam geboetseerde Thriller sfeer, doen de aandachtige lezer heftig verlangen naar meer. Meer van zulke tekstuele uitdagingen aan toneelmakers. Een prijs kan voor het verlangen aar meer Strijards-teksten de benodigde benzine verschaffen. Vandaar.

Strijards' ontploffingen hebben in ons taalgebied en in onze theatercultuur de plaats gevonden die ze verdienen. Een enkele nurks mag daar nog wel eens een trend in ruiken, de jury wijst de onverbiddelijke kwaliteit aan als oorzaak van het publiekssucces. Het jury-oordeel is dan ook zeker de waardering voor een grillig totaal-theater-talent, dat niet alleen de ruimte moet krijgen om te ensceneren - een ruimte die hij recentelijk, na jaren koppig doorknokken, bereikte -, maar ook de rust om door te schrijven. De toneelschrijfprijs biedt een deel van die voorwaarden voor die rust: een prettige smak geld. Het zij Frans Strijards voor de volle honderd procent gegund. Een kleine hint voorde geldschieters. In de nabije toekomst zou aan de toekenning van de toneelschrijfprijs zeker de voorwaarde moeten worden gehecht dat het gelauwerde werk wordt uitgegeven in het eigen taalgebied, en in een vertaling voor het Engelse, Duitse en Franse taal gebied. De jury is van oordeel dat de kwaliteit van veel nederlandstalige teksten zodanig is, dat een uitgave (en daarmee een vergrote kans op uitvoering) in het aanpalende buitenland op zijn plaats is.

Alleen de gedachte aan een Engelse uitvoering van Hitchcock's Driesprong doet ons al watertanden.

Arnhem, 2 september 1988,

Jury:
Eric Antonis, artistiek leider Zuidelijk Toneel
Wanda Reisel, schrijfster, regisseuse
Loek Zonneveld, journalist


Nieuwsberichten
© Nederlandse Taalunie, 2000-2008 alle rechten voorbehouden
WegwijzerColofonContactVrijwaringOpmerkingen en reacties