Het aantal teksten dat jaarlijks wordt ingestuurd voor de Taalunie Toneelschrijfprijs is opmerkelijk constant en schommelt sinds enkele jaren rond de zeventig. Net als in 1996 springt in het zeer diverse aanbod het relatief grote aantal monologen in het oog, en zelfs teksten waarin meerdere personages ten tonele worden gevoerd, ontpoppen zich regelmatig als aaneenschakelingen van monologen.
Het ene na het andere personage doet zijn zegje, van een samenspel van stemmen is soms nauwelijks sprake meer. Kunnen of willen veel toneelschrijvers geen dialogen meer schrijven? Misschien is het onvermogen om vat te krijgen op de gefragmenteerde onoverzichtelijke wereld om ons heen er de oorzaak van dat men zich terugtrekt in de eigen geesteswereld. Natuurlijk laat ook in het theater het in alles doorsijpelende individualisme haar sporen achter. Hoe het ook zij, jammer is het dat het ensemblespel, van oudsher een van de pijlers van het theater, in de huidige toneelteksten weinig aan bod komt. Ondanks deze kanttekening willen we één monoloog graag met name noemen. Een paar jaar geleden legde Benno Barnard met zijn poëtische herdichting van Drydens zeventiende-eeuwse Allfor Love een groot gevoel voor taal en theater aan de dag. Dit jaar schreef hij, opnieuw voor het Vlaamse gezelschap Blauwe Maandag Compagnie, een monoloog in verzen voor de actrice Chris Lomme. In Het mens waarin los een oudere actrice terugkijkt op haar leven en haar liefde, haar toneelloopbaan en haar fascinatie voor Mariene Dietrich getuigt Benno Barnard opnieuw van zijn grote liefde en gevoeligheid voor de poëtische en retorische kwaliteiten van onze taal. De taaikwaliteit van zijn tekst vormt een aangename uitzondering. Nog te vaak laat de aandacht voor de taal, toch een van de middelen bij uitstek voor toneel, het nodige te wensen over.
Ook Bouke Oldenhof en Peer Wittenbols onderscheiden zich door de geheel eigen wijze waarop ze de taal naar hun hand zetten. In de stukken Hanenbuurt en Kooibos van Bouke Oldenhof en Woordeloos van Peer Wittenbols proberen ze een stem te geven aan kleine onbeduidende mensen die ze met groot mededogen schilderen.
Het is verfrissend dat nu niet eens de bewoners van de grachtengordel aan het woord komen. De personages van Bouke Oldenhof en Peer Wittenbols zijn mensen die niet gemakkelijk praten, mensen zonder taal die zich desondanks proberen uit te drukken. Beide schrijvers nemen de taal als medium onder de loep en bedienen zich van een schriftuur die opmerkelijk is en niet zelden ongebruikelijk. Het is precies dit taalgebruik dat het onvermogen tot communiceren van hun personages tastbaar maakt.
Dan is nu het moment gekomen om de laureaat bekend te maken. Het is ons een groot genoegen de Taalunie Toneelschrijfprijs toe te kennen aan Geertrui Daem voor haar toneeltekst Het moederskind. De hunkering naar aandacht en liefde, de angst voor eenzaamheid, de verstikkende greep van de ene generatie op de volgende, het doorgeven van pijn van moeder op kind, over dit alles gaat Het moederskind. In zeven korte beeldende scènes schetst Geertrui Daem de gevoelswereld van een oude moeder, haar nog thuis wonende volwassen zoon, een jonge gescheiden moeder en haar adolescente dochter. Gaande het stuk voltrekt zich tussen deze vier mensen een liefdesdrama zonder weerga. Het knappe aan de tekst is dat dit pas op het allerlaatste moment wordt prijsgegeven waardoor je enigszins beduusd achterblijft en probeert te reconstrueren hoe het zover gekomen is. Het moederskind eindigt op een dramatisch hoogtepunt en dat maakt de tekst uitermate spannend. Graag zou je willen weten hoe het nu verder gaat maar helaas is er geen verder. Behalve misschien in je eigen fantasie.
Eigenlijk al vanaf de eerste zin laat het stuk je niet meer, maar er is meer. Zo werkt het stuk, ondanks de niet zo vrolijke afloop, door de vaak luchtige en soms hilarische dialogen meer dan eens op de lach. Vooral ook door de trefzekere Vlaamse woordkeus. Het moederskind gaat over kleine mensen, is verrassend van taal en dwingend en stuwend van structuur. En dat is een grote verdienste. Niet in de laatste plaats omdat Geertrui Daem een tekst heeft geschreven waar iedere acteur het water van in de mond moet lopen. Haar personages hebben nog zoveel geheimen, zoveel blijft nog ongezegd datje er op de planken nog heel veel kanten mee op kunt. En wat is een grotere uitdaging dan dat.
Jury
Els Dottermans, actrice
Jos van Kan, artistiek leider Maccus
Rezy Schumacher, dramaturg De Trust
Coördinatie
Steven Peters, programmamaker Schuim en As (NCRV)
Nieuwsberichten
- Kris Cuppens wint Taalunie Toneelschrijfprijs 2006
- Genomineerden Taalunie Toneelschrijfprijs 2006 bekend
- Anna Enquist, Antoine Uitdehaag en Anne Vegter winnen Taalunie Toneelschrijfprijs 2005 met Struisvogels op de Coolsingel
- Jeroen van den Berg wint Taalunie Toneelschrijfprijs
©
Nederlandse Taalunie, 2000-2009 alle rechten voorbehouden
Wegwijzer – Colofon – Contact – Vrijwaring – Opmerkingen en reacties
Wegwijzer – Colofon – Contact – Vrijwaring – Opmerkingen en reacties
